Durban-3: EU overweegt ophoging 2020-doel

Afsluiting klimaattop anderhalve dag later dan gepland
Het spande er om de laatste uren in Durban. De klimaatconferentie had vrijdagavond moeten sluiten, maar deed dat pas zondagochtend 6 uur. Kennelijk had de wijze van opereren van het Zuid-Afrikaanse voorzitterschap, via zogenaamde ‘Indaba’s', waarin iedereen zijn zegje mag doen, niet geholpen. In tegenstelling tot de vorige klimaattop in Cancun, waren er nu meer landen die problemen hadden met de eindteksten. Het leidde ertoe dat de Venezolaanse delegatie op haar tafel met haar bordje stond te zwaaien, waarbij ze aangaf in de gang bedreigd te zijn door delegaties als ze niet akkoord zou gaan. En het bracht de EU, Rusland, Nicaragua, Maleisië en meer landen ertoe nog wat haken in de tekst toe te voegen.

Emoties: ‘equity’ en ‘survival’
Kennelijk was het nodig dat landen hun frustraties in de plenaire zaal uitten over de situatie waarin we nu zitten. De kleine eilandstaten over de noodzaak van ‘survival’, omdat we zonder nieuwe actie op 4°C temperatuur- en zeespiegelstijging afgaan (Climate Action Tracker). India over de noodzaak van ‘equity’ in de afspraken:Is it a crime to call for equity and to add just one other option in the text”, aldus de Indiase milieuminiuster Natarajan. En China verweet het Westen de afspraken van het Kyoto Protocol niet na te komen.

 

 

 

Dat er toch een akkoord is gekomen is te danken aan het feit dat de Malediven, namens de groep van kleine eilandstaten, zei dat de klimaatverplichtingen nog lang niet genoeg waren, “maar wat kunnen we anders, dan aan een vervolg op het Kyoto Protocol werken”. De Zuid-Afrikaanse voorzitter vroeg niet te streven naar perfectie en riep de EU, India en anderen, die zich geroepen voelden, in de zaal in een ‘huddle’ bijeen te komen om te tekst af te maken.

 

 

 

 
Durban Platform for Enhanced Action (DPEA)
Uiteindelijk is in Durban een pakket met vier onderdelen aangenomen (zie hier):

  1. Er komt een tweede verplichtingenperiode onder het Kyoto Protocol;
  2. Er zijn besluiten genomen in het kader van de Bali Actie Plan, onder andere over het gebruik van de CO2-markt;
  3. Het Green Climate Fund wordt opgericht voor klimaatfinanciering;
  4. Er komt een ‘Ad Hoc Working Group on the Durban Platform for Enhanced Action’.
    Dit is nodig om een klimaatafspraak te maken met alle landen met veel emissies, dus ook met VS, China en India. De omschrijving van de juridische binding ervan biedt ruimte aan alle landen om mee te doen, want de beraadslagingen moeten uiterlijk eind 2015 leiden tot een “protocol, another legal instrument or an agreed outcome with legal force under the United Nations Framework Convention on Climate Change applicable to all Parties”.


Consequenties van het pakket besluiten

  • Er komt uiterlijk in 2015 een nieuw mondiaal klimaatakkoord dat de opwarming van de aarde tot 2 of 1,5 graden moet beperken.
    Het komende rapport van het IPCC (Wetenschappelijk Panel over Klimaatverandering) van 2013 wordt daarbij meegenomen. Emissieverplichtingen worden mogelijk per 2020 opgenomen. Of per 2018, om geen gat na het einde van de tweede verplichtingenperiode te laten ontstaan. De afspraak over de juridische bindendheid zorgt dat India en China zich kunnen beperken tot nationale wetgeving en inschrijven in het akkoord. De VS kunnen, als zij dit instellen, een wettelijk federaal emissiehandelssysteem als Amerikaanse bijdrage opnemen. De regeling voorkomt een aantal, eerder in mijn blog genoemde, belemmeringen.
  • Er komt een nieuwe verplichtingenperiode onder het het Kyoto Protocol van 2013 tot 2018 (of 2020, afhankelijk van het vervolg).
    De EU, Noorwegen en Zwitserland nemen daarin hun huidige voorstel voor 2020 op (-20% in 2020). Ik verwacht dat het nieuwe akkoord ook Australië en Nieuw Zeeland over de brug helpt, gezien hun reeds aanwezige klimaatdoelstellingen. Ergo, al deze landen blijven hun broeikasgasemissies verminderen.
  • Als het nieuwe akkoord er komt, verhoogt de EU haar verplichtingen naar 30% (Bloomberg, 12 dec).
    De Nederlandse regering heeft gezegd de EU hierbij te volgen. Het akkoord vraagt ook andere landen hun emissieverplichtingen voor 2020 op te hogen.
  • De Kyoto-regels voor de rapportage, verificatie en de CO2-markt blijven van kracht en de ingestelde marktmechanismes (het Clean Development Mechanism (CDM) en Joint Implementation (JI)) blijven bestaan.
    Dit betekent dat projecten in ontwikkelingslanden en andere industrielanden CO2-credits kunnen blijven opleveren. Landen die niet aansluiten bij de tweede verplichtingenperiode van het Kyoto Protocol kunnen de regels mogelijk wel blijven toepassen.
  • Er wordt gewerkt aan nieuwe CO2-marktmechanismes, die beter moeten werken dan het CDM en dus echt leiden tot mondiale reducties.
    De EU wil namelijk dat bedrijven vanaf 2013 niet alle CDM-credits mogen gebruiken onder het Europese emissiehandelssysteem, bijvoorbeeld met sectorale emissieplafonds of emissiehandelssystemen binnen ontwikkelingslanden. Ook kunnen bedrijven dan voor het afgeven van CO2-credits gebruikmaken van, de door de EU ontwikkelde, CO2-benchmarks in plaats van ’emissions baselines’ zoals bij het CDM . Binnen het Wereldbank programme ‘Partnership for Market Readiness (waar NL en EU aan meebetalen) en de organisatie van landen met emissiehandelssystemen, ICAP, wordt al gewerkt aan ontwikkeling van en koppeling van emissiehandelssystemen van ontwikkelingslanden (onder andere China, Chili, Mexico, Zuid Afrika, Brazilie). Een reeds gekozen ‘bottom-up’ benadering bij uitblijven van een klimaatakkoord. Spelers op de emissiemarkt zijn positief over de resultaten van Durban (Financial Times).
  • Er zijn afspraken gemaakt over het vaststellen van ‘reference emissions levels’ voor ontbossing; landen kunnen gecompenseerd worden als ze ontbossing tegengaan (het zogenaamde REDD-mechanisme). Er zijn afspraken over het hanteren en controleren van ‘safeguards’ voor REDD, onder andere de rechten van inheemse volken en biodiversiteit. Dit kan CO2-credits op kunnen leveren, waardoor REDD ook door de CO2-markt gefinancierd kan worden. Een doorbraak op zich en mogelijkheid voor de EU om dit te koppelen aan haar CO2-markt.

Doorbraak
Het Durban akkoord kunnen we een doorbraak noemen. De EU leek even in haar eentje ingesloten te zijn in het Kyoto Protocol. Maar door standvastigheid van de EU en vooral van Eurocommissaris Conny Hedegaard kreeg de EU wat het wilde: een roadmap die zicht geeft op ambitieuze en mondiale actie in het kader van het klimaatprobleem. Aan de aankomende Deense voorzitter om voor de EU met veel enthousiasme de eerste stappen uit te stippelen.

De CO2-prijs is na Durban overigens nog niet gestegen. De Europese Commissie kan met een ‘set-aside’ het huidige overschot aan emissierechten door de crisis verkleinen, waardoor er na 2012 minder emissierechten geveild worden. Het is dus wachten tot de CO2-prijs weer stijgt.

 

Er zijn momenteel nog geen reacties geplaatst.

Reageer